Hoe verder je weggaat, hoe minder je weet.

Om de wereld te kennen hoef je de deur niet uit.
Om de loop van de sterren te zien hoef je niet uit je raam te kijken.

Hoe verder je weggaat,
hoe minder je weet.

Vandaar dat de Wijze alles al weet zonder ernaartoe te gaan,
alles begrijpt zonder het te zien,
niets doet en toch alles voor elkaar brengt.

(Vers 47 uit Het boek van de Tao)

Die taoisten blijven altijd een beetje raadselachtig met hun paradoxale woorden. En toch vond ik er iets van herkenning in. Ik moest denken aan die passage van Marcus Aurelius van een tijdje terug. Waarin hij getuigt van dat grote vertrouwen in onze eigen ervaring. Dat alles wat we nodig hebben er in zekere zin al is. De eenvoud van het leven waarbij we kunnen aansluiten.

Ik geloof niet dat ik dit vers van Lao Zi echt begrijp. Ik kan het niet ‘pakken’ en concreet toepassen in mijn dagelijkse praktijk. Het stelt mijn denken een beetje buiten werking als ik deze woorden serieus probeer te nemen. En toch… ik kan er iets van snappen wanneer ik het versta als een verwijzing naar die andere houding die ik ook aan kan nemen in mijn dagelijks leven. Een houding die als het ware tegelijk met mijn doen en laten in mijn leventje op de achtergrond, of misschien beter gezegd, in de ondergrond meeloopt.

Een worteling in het levende bestaan, in het wonder waarbij ik – in de dagelijkse drukte – maar amper bewust stil kan staan. En misschien hoeft dat ook niet; kan dat ook niet echt. En is een soort ‘bewustzijn vanuit mijn ooghoeken’ genoeg. Om in al die drukte steeds weer mijn worteling, mijn basis te (her)vinden. Een stilzwijgende, intieme en innerlijke beweging die ik kan maken. Als een innerlijk afstemmen of scannen. Vaag? Zweverig? Allerminst. Want die worteling is in de eerste plaats een lichamelijke worteling. Een dieper en intiemer vertrouwd raken met het concrete. Dat-wat-hier-gebeurt. Aankomen of arriveren; steeds weer opnieuw.

Of zoals Lao Zi ergens anders zegt: terugkeren is de beweging van Tao.

Gepubliceerd in Taoisme | Reacties uitgeschakeld voor Hoe verder je weggaat, hoe minder je weet.

Bij de filosofie moet je dus steeds terugkomen en uitrusten.

Een contemplatief leven leiden. Een wonderlijk doel waar ik me toe aangetrokken voel. Iets waarvan ik niet goed weet wat het is, en zelfs of het wel mogelijk is.

De Franse classicus en filosoof Pierre Hadot merkt op dat aan de beoefening voor een bepaalde levenskunst een keuze vooraf gaat. Je verdiepen in en stukje bij beetje beoefenen van een stoïcijnse levenskunst gebeurt niet zomaar. Daaraan vooraf gaat de keuze voor die levenskunst. Een levenskeuze noemt hij dat. Die is niet gebaseerd op een stellig weten van de verdiensten van een bepaalde levenskunst-school. Het is eerder een sprong in het onbekende.

Waarom nemen wij zo’n spong? Ik denk omdat we gedreven worden door een verlangen. Dit geldt voor mij althans wanneer ik steeds weer terugkom bij zo’n begrip als contemplatie. Het roept bij mij een verlangen op en herbergt een soort belofte naar een dieper en rijker leven. Dat samenhangt met een andere wijze van in het leven staan. Meer levend, minder verdwaasd, meer ontspannen, minder krampachtig, meer spontaan en in overeenstemming met natuurlijke aard van de dingen… wakker voor het wonder van het bestaan… Deze woorden zoeken… duiden aan… geven richting…

Ergens denk ik dat het verlangen bij mij ontstaat in contrast met het alledaagse leven en mysterieuze kracht die daarvan uit gaat om dat wonder steeds weer te vergeten. Het ‘andere leven’ is immers ook hier-en-nu, niet ergens daar-over-de-regenboog… Toch gaat het zo makkelijk verloren is de dagelijkse gang van mijn menselijk bestaan… Marcus zet deze twee ‘werelden’ en hun onderlinge verhouding in het volgende fragment ook tegen elkaar af:

Als je tegelijkertijd een stiefmoeder en een moeder had, zou je de eerste respecteren, maar je zou toch telkens weer naar je echte moeder teruggaan. Zo zijn nu voor jou het hof en de filosofie. Bij de filosofie moet je dus steeds terugkomen en uitrusten. Door haar vind je het leven aan het hof draaglijk en ben jij daarin voor anderen te verdragen. (Boek 6, fragment 12)

De filosofie als plek om uit te rusten. Om naar terug te keren als naar een moeder. Een sterk beeld vind ik. Dat ook weer iets van die zachtheid, die de Stoa toch ook heeft, laat zien. De beoefening, het steeds weer zoeken, het filosoferen, is de weg. Een weg temidden van het alledaagse (het hof, ons werk, de projecten), om voeling te blijven houden met waar het echt om gaat in het leven, dat niet te vergeten, wat zo makkelijk gaat… En daardoor ook een waarachtig mens te zijn die – mede daardoor – een bijdrage aan die alledaagse wereld kan leveren…

Gepubliceerd in Aurelius | Reacties uitgeschakeld voor Bij de filosofie moet je dus steeds terugkomen en uitrusten.

Waardeer het kleine beetje levenskunst…

Bij filosoferen draait het om oefenen; het ons eigen maken van een levenswijze. Wat een wonderlijk doel eigenlijk. En zeker als we bedenken dat het doel van de Stoa en andere levenskunst-scholen gelegen is in een meer natuurlijke levenswijze. Meer leven in overeenstemming met de natuur; de natuurlijke orde van de dingen.

Hoe kun je het natuurlijke cultiveren? Het lijkt tegenstrijdig, maar dat is natuurlijk schijn. Het soort levenswijze dat de filosoof nastreeft staat in het teken van ruimte maken, van kunnen laten… Niet langer vermeerderen, versterken, bekrachtigen, vernieuwen, van kennis, inzichten, activiteiten of projecten. Maar juist deze oneindige dynamiek van handelen tot stilstand – of beter: tot rust – brengen.


Waardeer het kleine beetje levenskunst dat je hebt geleerd en vind daar rust in. En breng de rest van je leven door als iemand die zich van ganser harte geheel aan de goden heeft toevertrouwd en van niemand meester of slaaf wil zijn.
(Boek 4, fragment 31)

Vanavond lees ik hierin twee bemoedigingen. In de eerste plaats het vertrouwen dat Marcus stelt in datgene wat we reeds geleerd hebben. We weten het eigenlijk al, we hoeven niet verder te zoeken om te weten wat goed is voor ons en wat ons te doen staat. Die levenskunst die we zoeken, is van nature in ons aanwezig. We kunnen rusten in een besef dat we op de goede weg zijn.

In de tweede plaats het vertrouwen in en de overgave aan de orde van de wereld. Marcus spreekt over ‘de goden’ die ik voor het gemak maar even als de dynamische en bezielende krachten in de wereld neem. We zijn daarmee verbonden en kunnen ook daarin iets loslaten; we hoeven de/onze wereld niet te controleren of beheersen. Kunnen ons aan de werkelijkheid overgeven; ook daar in rusten. Zonder dat dit een passief soort zelfverlies betekent. Integendeel… staande midden in het leven kunnen we zo op natuurlijke wijze floreren…

Gepubliceerd in Aurelius, Natuur | Reacties uitgeschakeld voor Waardeer het kleine beetje levenskunst…

Zo werkt de Universele Natuur…

Vanavond zat ik even aan de waterkant te mijmeren, ergens halverwege een avondwandeling. Het water gleed zachtjes onder mij door en ik keek verwonderd naar de steeds wisselende patronen van golfjes op het water. Een moment was het oppervlak kalm en haast een spiegel. Een fuut kwam langs en trok een spoor van wijkende golfjes achter zich aan waardoor het gehele water langzaam in toenemende chaos vergleed. En toen stak er een windje op dat nog fijnere golfjes toevoegde aan de wirwar; dat daardoor de waterspiegel weer tot een groot geheel omtoverde.

Zo werkt de Universele Natuur: wat hier is, verplaatst ze naar daar, ze verandert het, neemt het hier weg en brengt het daar naartoe. Alles is verandering, maar niet zo dat je bang moet zijn voor iets onverwachts. Nee, alles is vertrouwd en wordt gelijk verdeeld. (Boek 8, fragment 6)

Deze woorden spreken voor zich. Wonderlijk hoe wij veel en misschien wel permanent leven in onderscheidingen. In die gebroken spiegel van het water die het bestaan misschien wel is. Waarin we ons krampachtig met de fragmenten bezighouden en het grotere geheel vergeten. Die vertrouwde grond waarin we kunnen rusten. Moeiteloos, gemakkelijk en eenvoudig leven…

Gepubliceerd in Aurelius, Stilte | Reacties uitgeschakeld voor Zo werkt de Universele Natuur…

Maar misschien deed hij niet verkeerd.

Soms kom ik van die eenvoudige en toch raadselachtige zinnen tegen bij Marcus. Een fragment als een sfinx. Zoals deze:

Als hij verkeerd gehandeld heeft, ligt het kwaad bij hem. Maar misschien deed hij niet verkeerd. (Boek 9, Fragment 38)

Ooit was er een voorval, een gebeurtenis, waarna Marcus dit opschreef. We lezen zijn reflectie, maar de aanleiding ontbreekt. Toch kunnen we er iets mee, een soort aanwijzing voor een levensles er in terugvinden.

Ik maak me vaak druk om dingen die anderen doen; fouten die ik bij anderen makkelijk zie. Alsof ik daardoor iets kan veranderen. Dat lukt natuurlijk niet, maar het bezet mijn gemoed wel danig. Hoe hiervan verlost te raken? Marcus zegt hier: zie het in perspectief. Ten eerste gaat het mij in veel gevallen niet aan: het ligt bij de ander. Dus: geef het terug.

Maar dieper nog: is mijn oordeel niet het probleem? De fout die ik zie, is dat wel een fout? Mensen doen wat ze kunnen en soms loopt het mis. Dat hoort bij het bestaan en is dus onontkoombaar. Waarom zo hardnekking vasthouden aan dat het anders had moeten zijn?!

Misschien vind ik het mooiste aan dit fragment nog wel de toon die ik erin meen te horen. Lees hem nog maar eens: het is net of Toon Tellegen het heeft geschreven. Weer die mildheid…

Gepubliceerd in Aurelius | Reacties uitgeschakeld voor Maar misschien deed hij niet verkeerd.

De dingen die je onrustig maken…

Veel overdenkingen van Marcus liggen voor de hand en zijn compact en duidelijk. Dat past goed binnen de redelijke strengheid van de stoïsche levenskunst. Soms kom ik er een tegen die in mijn ogen gelaagd is en veel diepte bevat. Zoals deze:

De dingen die je onrustig maken doordat je ze najaagt of wilt ontlopen, komen niet naar jou toe, maar eigenlijk ga jij zelf naar hen toe. Zorg in ieder geval dat je oordeel over hen rustig is, dan zullen zij zich ook kalm houden en zal niemand je erop kunnen betrappen dat je ze naloopt of ontvlucht. (Boek 11, fragment 11)

De eerste zin deed met meteen denken aan de mooie definitie van Otto Duintjer van spiritualiteit als leerproces. Hij definieert dit ‘containerbegrip’ als volgt: “stap voor stap leren je meer bloot te stellen aan de werkelijkheid zoals die zich per situatie manifesteert, om ons heen en in onszelf, zonder afweer of verdringing enerzijds en zonder vastklampen of verslaving anderzijds”. Marcus heeft het over najagen of ontlopen, maar het gaat naar mijn idee over hetzelfde.

Die beide innerlijke bewegingen zorgen voor onrust waaronder wij in het dagelijks leven vaak ongemerkt te lijden hebben. Hoe daar uit te blijven? De oplossing van Marcus is heel concreet. Hij haakt aan bij de objecten van het najagen of ontlopen, van verslaving of vlucht. Zorg dat je oordeel over hen rustig is. Een mooi affectief begrip eigenlijk… een rustig oordeel.

Neem nog eens de tijd… Kijk nog eens goed… Misschien blijken de dingen toch niet belangrijk of beangstigend te zijn…

Gepubliceerd in Aurelius | Reacties uitgeschakeld voor De dingen die je onrustig maken…

Wen je eraan…

Een eenvoudige leefregel blijkt soms best moeilijk.

Wen je eraan zorgvuldig te letten op wat een ander zegt en je, voor zover mogelijk, in de spreker in te leven. (Boek 6, Fragment 53)

Zorgvuldig luisteren naar wat een ander zegt, betekent: echt luisteren. Stoppen met denken, oordelen of interpreteren en in het verlengde ervan je – voorzover mogelijk – in de ander verplaatsen. Begrijpen en begrip hebben. Alleen op basis daarvan is een goed antwoorden, een adequate reactie mogelijk. Een recatie die zowel recht doet aan de ander, als aan je zelf.

Gepubliceerd in Uncategorized | Reacties uitgeschakeld voor Wen je eraan…

Zorg dragen…

Vanuit de stilte bewegen vraagt om voorzichtigheid en zorgzaamheid. Gewoonlijk wordt veel nadruk gelegd op aandacht als levenswijze om in het hier-en-nu te zijn. Maar dat is een beetje een vage term als je het mij vraag. Te weinig specifiek. In het taoïsme wordt steeds weer verwezen naar een houding van behoedzaamheid, voorzichtigheid, zachtheid en subtiliteit. Hier zit een element van vertragen in dat we ook makkelijk met die aandachtigheid kunnen associëren.

De afgelopen week ben ik Zen en de kunst van het motoronderhoud van Robert Pirsig aan het herlezen. In het begin van de filosofische zoektocht die hij daarin onderneemt, staat hij stil bij de omgang met de motor waarop hij door het land trekt. Hij constateert dat we ons regelmatig buiten een situatie plaatsen, bijvoorbeeld in het doen van klussen (zoals reparatie). We worden toeschouwer. En daarmee gaat er zorg verloren.

“Zorg dragen voor wat men doet wordt ofwel beschouwd als iets onbelangrijks, of men neemt het op de koop toe.”

Het vermogen tot een zorgzame omgang met wat men doet kan pas tot stand komen wanneer we er de tijd voor nemen. Nogmaals Pirsig die heel nuchter constateert:

“Als je iets wilt overhaasten, betekent dat dat je er niet langer zorg aan wilt besteden en je je met andere dingen wilt bezighouden.”

Misschien een mooi aandachtspunt: ontdekken waar zorg en de tijd nemen in samenkomen. Waar dat ons lukt, en waar we merken dat we meer tijd zouden mogen nemen. Waar we ons meer mee willen verbinden?

Gepubliceerd in Uncategorized | Reacties uitgeschakeld voor Zorg dragen…

Verzuchting

Vanavond is er een grote stilte in mij… misschien de beste plaats voor een overdenking, een meditatie. Maar juist dan ervaar ik de taal op haar ingewikkeldst. Iets uitdrukken in taal is ook iets verliezen… Is afstand nemen en vertalen, transponeren naar een ander medium. Ik ervaar dan dat de taal niet van mij is, maar van ons. Dat is haar kracht, het is het terrein waarop wij elkaar kunnen ontmoeten, we iets van elkaar gewaar kunnen worden dat anders enkel in stilte gehuld zou blijven. Maar tegelijk gaat er ook wat verloren…

Nietzsche zegt het erg mooi in de Vrolijke Wetenschap in fragment 298:

Verzuchting – Ik ving dit inzicht onderweg op en greep snel naar de eerste de beste slechte woorden om het vast te leggen, opdat het er niet weer tussenuit vloog. En nu is het aan deze dorre woorden gestorven en hangt er slap en slonzig bij – en ik weet nauwelijks meer, als ik het bezie, hoe ik een dergelijk geluk kon ervaren, toen ik deze vogel ving.

Verder daarom geen pointe meer, maar een mooie stilte om op deze verzuchting te laten volgen…

Gepubliceerd in Stilte | Reacties uitgeschakeld voor Verzuchting

Zachtheid en soepelheid zijn vrienden van het leven.

Het kost me moeite de laatste tijd om stil te kunnen vallen, echt stil staan in mijn eigen leven. De dingen in een ontspannen staat van geest te aanschouwen en vanuit een milde betrokkenheid mijn dingen te doen. Er is te veel gedrevenheid, te veel hardheid in mij. Ik voel het aan mijn gestel en aan mijn gemoed. In de woorden van Laozi vind ik vanavond een toevlucht.

Waarlijk, wat hard en onbuigzaam is leidt ons naar de dood.
Zachtheid en soepelheid zijn vrienden van het leven.

(Boek van Tao en Innerlijke kracht, Vers 76, middelste strofe)

Zachtheid en soepelheid zijn vrienden van het leven. Toen ik die zin een paar keer op me in liet werken, begon het me te dagen. Hoe ik meer of dichter bij datgene kan komen wat ik zoek, is er gelijk aan te worden. Mijn verlangen meer vanuit rust, geworteldheid en leven te leven, is me in mijn houding, m’n opstelling, mijn gedrag af te stemmen daarop. Er gelijk aan te worden en het te belichamen. Zachter worden en soepeler worden, door los te laten en te vertrouwen. In plaats van hard en krampachtig iets te willen controleren. Om na het bezit of het behalen ervan tot het tragische besef te komen dat ik door mijn inspanningen verloren heb waar ik naar verlangde…

Gepubliceerd in Taoisme | Reacties uitgeschakeld voor Zachtheid en soepelheid zijn vrienden van het leven.