De ware mens van weleer…

In de verschillende klassieke levenskunst scholen treedt zo nu en dat de figuur van de wijze naar voren. Een wonderlijke figuur die zeker in onze tijd niet meer past. Een ideaal beeld van een mens die vrij en soeverein in het leven staat en juist in die radicale soevereiniteit misschien niet langer als mens gezien kan worden. In onze tijd hebben deze idealen hun richtinggevende kracht verloren. Misschien ten goede omdat het ons bevrijdt van onhaalbare doelen die zelfs kunnen ontaarden in vormen van geweld ten aanzien van onszelf.

En toch…

Luister eens hoe ZhuangZi de ‘de ware mens van weleer’ beschrijft. Een figuur die de angst voor de dood heeft overwonnen (‘Hij ging naar buiten in het leven zonder vreugde, en kwam terug naar binnen in de dood zonder weerstand te bieden.’) en dan schrijft ZhuangZi:

‘Zij die deze hoedanigheid bezitten, hebben een vergetend hart, een kalm gelaat, een hoog voorhoofd;
fris als de herfst, zacht als de lente, het hele jaar door zijn zij vrolijk of ernstig met de wisseling van de jaargetijden, en dus altijd in het reine met alle dingen: niemand heeft ooit hun uiterste toestand gekend.’
(Hst 6-I)

Een wezen dat niet langer gekweld wordt door onze moderne neurosen (haast, ‘moeten’, beter), dat leeft in overeenstemming met de natuur in en om zich heen. Ik lees iets over een wezen dat in staat is werkelijk te ontspannen. En vanuit die ontspannenheid te leven. Vandaar die laatste wonderlijke zin: niemand heeft ooit hun uiterste toestand gekend. Want levende vanuit de ontspanning, geworteld in zijn of haar eigen natuurlijke spontaniteit, blijft er ruimte voor die onkenbare diepte en vitaliteit die het leven zelf is…

Iets om na te streven? Nee dat niet. Maar misschien wel een figuur om na te voelen in onszelf en te beseffen dat misschien iets van die ‘ware mens van weleer’ voortleeft, ook in ons…

Dit artikel is geplaatst in Uncategorized. Bookmark hier de permalink.

Op dit artikel kan niet (meer) gereageerd worden.